Voetbal

Voetbal

Voetbal: je houdt er van of je voelt er echt niets voor. Zeker is dat er geen ontsnappen aan is. Voetbal is immers de populairste sport ter wereld. In Vlaanderen is dan niet anders: met bijna een vierde van de jongeren en ruim 5 procent van de volwassenen als actieve spelers is voetbal ook hier de meest beoefende sport. Het merendeel van die spelers is aangesloten bij een club en speelt in competitieverband, maar er zijn evengoed voetballers die het gewoon bij een occasioneel potje voetbal onder vrienden houden. Naast de spelers zelf brengt Koning Voetbal ook telkens een gigantisch grote groep anderen op de been: zo zijn in Vlaanderen vele duizenden scheids- en lijnrechters, voetbalcoaches, supporters, clubbestuurders, terreinverzorgers, verslaggevers, kantine-uitbaters, chauffeurs, (para)lmedische teams, sponsors en supporters, stewards en voetbalouders eveneens in de ban van het spel. Volgens ruwe schattingen van de KULeuven zouden in er de verschillende Belgische competities alleen al jaarlijks zo’n 340.000 wedstrijden worden gespeeld. Met het recreatieve voetbal erbij ligt dat cijfer nog een stuk hoger en zouden er in Vlaanderen alleen al om en bij de 20.000 wedstrijden per weekend gespeeld worden, wat voetbalmoeders in alle provincies iedere week een berg was van een half miljoen shirtjes oplevert.

Voetbal in Vlaanderen

In Vlaanderen wordt al ruim 140 jaar gevoetbald. De sport werd in de jaren 1860 door de (rijke) Engelsen in België geïntroduceerd. België oefende in die periode namelijk een grote aantrekkingskracht uit op Engeland en de Engelsen die zich hier kwamen vestigen, brachten naast hun gewoonten en gebruiken ook hun sporten mee over het kanaal. Net zoals heel wat andere moderne sporten was ook voetbal een sport die aanvankelijk enkel in de stad gespeeld werd door de burgerij. De eerste Belgische voetbalclubs doken op vanaf de jaren 1880. De oudste nog bestaande club is Antwerp FC, dat in 1880 als Antwerp Athletic Club werd opgericht. Club Brugge is sinds 1891 actief en AA Gent volgde in 1899. Gaandeweg verloor het voetbal zijn burgerlijke karakter en schoten voetbalclubs overal in Vlaanderen als paddenstoelen uit de grond.

Veel voetbalclubs bestaan dus al tientallen jaren en hebben dan ook heel wat roerend erfgoed in huis, zoals archiefstukken, bekers en medailles, voetbaltruitjes, foto’s … Naast dat roerend erfgoed hebben de ploegen ook een heel arsenaal aan typische gebruiken en tradities. Zo heeft elke club bijvoorbeeld eigen ploegkleuren en een logo. De ploegkleuren dragen sterk bij aan de identiteit van een ploeg en zijn gewoonlijk nog steeds dezelfde als bij de oprichting.

Tradities op het veld

Op en rond het voetbalveld worden heel wat tradities en gebruiken in ere gehouden. Vooral bij grote (internationale) voetbalwedstrijden speelt protocol - en dus ook traditie - aan het begin van de wedstrijd een grote rol. De spelers van elke ploeg komen gewoonlijk bijvoorbeeld in een rij het veld op. Het gebeurt dat ze op dat moment vergezeld worden door kinderen. Meestal zijn dat dan jeugdspelertjes die voor die gelegenheid ook hun voetbaltenue dragen. Voor hen is het uiteraard een belevenis van jewelste om aan de hand van een grote voetbalster een bomvol voetbalstadion in te wandelen. Deze traditie zou naar verluidt verwijzen naar de onschuld van kinderen en de fair-play in het spel symboliseren.

Verder wordt bij de aanvang van een wedstrijd tussen 2 nationale elftallen gewoonlijk de nationale hymne gespeeld. Bij de openingsceremonie of finale van internationale voetbaltornooien gebeurt het ook dat een bekende zanger/es uitgenodigd wordt om live een symbolisch lied of een hymne te brengen.

Vooraleer de aftrap wordt gegeven en de wedstrijd dus effectief begint, wordt er getost. De scheidsrechter werpt daarvoor een muntstuk op en de aanvoerders van beide ploegen kiezen kop of munt. De ploeg die de tos wint, kan kiezen aan welke kant van het veld ze de wedstrijd wil beginnen; de verliezende ploeg mag de aftrap geven. Ook bij dat aftrappen ontbreken tradities niet. Vaak is het namelijk zo dat voor de echte aftrap gegeven wordt, eerst een symbolische aftrap gegeven wordt door een kind, een mediafiguur, een sponsor of een van de plaatselijke prominenten. Bij grote internationale wedstrijden wordt in de media soms op voorhand al gespeculeerd welke bekende figuur aan de aftrap zal verschijnen.

Tijdens de wedstrijd zelf draait het natuurlijk allemaal om het voetballen zelf. Een van de tradities die daarbij steeds terugkeert, is het uitbundig vieren van een doelpunt door de scorende speler of ploeg. Veel spelers hebben echt een eigen ritueel om hun doelpunt te vieren. Zo zijn er bijvoorbeeld die een ererondje lopen of hun voetbaltruitje uittrekken, terwijl anderen de voorkeur geven aan een dansje uitvoeren of tegen hun collega’s opspringen. Een doelpunt is hoe dan ook een moment van onvervalste euforie.

Mascotte

De belangrijkste voetbalclubs hebben een mascotte. Bij Germinal Beerschot is dat bijvoorbeeld een beer, bij Sporting Charleroi een zebra en bij AA Gent een indiaan. De mascotte begroet de toeschouwers als ze het stadion binnenkomen. Verder vergezelt de mascotte de voetballers als zij het veld opkomen en ook als er een doelpunt wordt gemaakt, laat hij zich even zien. Een mascotte is echter enkel baas in eigen huis en gaat dan ook niet mee naar uitwedstrijden: hij zou anders wel eens een doorn in het oog kunnen zijn van de supporters van de rivaliserende ploeg.

Stadsrivalen

In meerdere steden is meer dan één voetbalploeg actief. Zo zijn Club Brugge en Cercle Brugge stadsrivalen en zijn er ook in Mechelen twee rivaliserende stadsploegen. In het verleden waren er in Antwerpen zelfs drie concurrerende ploegen. Dat heel wat steden twee of meer grote voetbalclubs op hun grondgebied hebben of hadden, die vaak allebei in dezelfde klasse spelen/speelden, is historisch gegroeid. Door de verzuiling van het maatschappelijke leven zijn er in het verleden verschillende voetbalploegen voor katholieken, socialisten en liberalen ontstaan. Omdat stadsploegen een andere historische achtergrond en bijgevolg dus ook een andere identiteit of profiel hebben, trekken ze vaak een ander type toeschouwers aan. Tot op de dag van vandaag is het een traditie dat de inwoners van een bepaalde stad die iets voor voetbal voelen, kleur bekennen als supporter van de ene of de andere ploeg. Fan zijn van beide stadsploegen wordt gewoonlijk niet in dank afgenomen.

De rivaliteit tussen stadsploegen komt tot een sportief hoogtepunt als de ploegen in eigen stad een derby spelen. Vaak is het altijd dezelfde ploeg die favoriet is en begint de andere ploeg steeds als de underdog aan de match. Voor de wedstrijd kunnen de gemoederen wat gespannen zijn. Na de match wordt gewoonlijk stoom afgeblazen in de supporterscafés om en bij het stadium. De verliezers druipen af in mineur; de winnaars zetten de stad tot de vroege uurtjes op stelten.

Er worden trouwens niet alleen stadsderby’s beslecht: ook dorpsderby’s bestaan. Een dorpsderby kan op verschillende niveaus in de competitie gespeeld worden. Zelfs twee rivaliserende caféploegen kunnen strijden om de eer.

Supporterscultuur

Voetbal heeft overal ter wereld een enorme aantrekkingskracht op mensen. Voetbal en supporters zijn dan ook twee handen op een buik. Voor voetbalfans betekent hun favoriete sport spanning en ontspanning tegelijk. De wedstrijden laten de supporters even ontsnappen aan hun dagdagelijkse beslommeringen, zelfs zonder dat ze daarvoor hun huiskamer hoeven te verlaten. Bovendien zorgt voetbal voor een groot gevoel van samenhorigheid. Denk bijvoorbeeld maar aan de collectieve voetbalgekte die opduikt bij een Europees of een wereldkampioenschap voetbal. Ook heel wat mensen die anders niet echt om voetbal geven, laten zich dan even meeslepen in de voetbalgekte.

Voetbalfans zijn doorgaans hondstrouw aan hun ploeg. Soms hebben de supporters van een bepaalde club ook een eigen naam. Zo staan de fans van K.S.K. Lierse bekend als de Kanaries en die van AA Gent als de Buffalo’s. Veel supporters willen de thuiswedstrijden van hun ploeg voor geen geld missen en nemen bij de aanvang van het seizoen een wedstrijdabonnement. Voor uitwedstrijden worden er bussen ingelegd en de allerhevigste supporters vergezellen hun club zelfs bij wedstrijden in het buitenland. In het stadion beleven voetbalsupporters de wedstrijden hoe dan ook intensief. Vooral in de spionkop, het vak achter het doel, wordt heftig gesupporterd. De fans brengen volop ambiance voor en tijdens de match en doen de mexican wave, dansen en springen bij een doelpunt of joelen de scheidsrechter of de spelers van de andere ploeg uit. Tijdens de wedstrijd zingen de supporters ook luidkeels en scanderen ze slogans. Die laatste worden ook ‘spreekkoren’ genoemd. Veel clubs hebben ook typische clubliederen, die alle supporters kennen. Bij AA Gent zijn dat bijvoorbeeld 'Het Vliegerke' van Walter De Buck en 'Nen echte Genteneire es nen Buffalo'. Met hun muzikale aanmoedigingen proberen de supporters hun ploeg een duwtje in de rug te geven en de tegenspelers een beetje uit het lood te slaan.

Ook door truitjes, sjaals of petjes in de clubkleuren te dragen maken de supporters hun liefde voor hun club duidelijk. Typisch is dat sommige fans voor een wedstrijd de clubkleuren ook met verf op hun gezicht of bovenlichaam aanbrengen. Er zijn zelfs fans die zo verknocht aan hun ploeg dat ze een tatoeage laten zetten die naar de club verwijst.

Merchandising is intussen sowieso een belangrijke inkomstenbron geworden voor de clubs. In het stadion van eersteklasseploegen is er gewoonlijk een supporterswinkel, waar niet alleen kledij, maar ook vlaggen, sleutelhangers, clubmascottes, affiches en nog heel wat andere spullen verkocht worden. Onder de voetbalsupporters zijn er heel wat echte verzamelaars en de clubs spelen graag in op hun verzamelwoede. Sommige clubs organiseren zelfs ruil- of verzameldagen, waar liefhebbers unieke stukken op de kop kunnen tikken. Ballen die gesigneerd zijn door een topspeler zijn bijvoorbeeld altijd erg gegeerde objecten.

Voetbalindustrie

Voetbal is de laatste decennia uitgegroeid tot een wereldwijde miljardenindustrie. Er gaan enorme bedragen rond in de sport en de clubs, talentscouts, de media, sponsors en anderen willen daar allemaal wel een graantje van meepikken. Beloftevolle voetballers worden tegenwoordig van jongs af aan gescout in binnen- en buitenland en door clubs aangekocht en verkocht.

Ook voetbal en gokken is een succesvolle combinatie. Gokkers proberen de uitslag van een voetbalwedstrijd te voorspellen en zetten daar een geldbedrag op in. Na de uitslag van de wedstrijd wordt de winst aan de winnaars uitgekeerd. De laatste jaren is er veel commotie geweest rond gokken in de voetbalsector, toen bleek dat de (Chinese) gokmaffia de uitslag van bepaalde wedstrijden probeerde te beïnvloeden.

Voetbalgoden

Voetballers zijn moderne helden en worden niet alleen op, maar ook naast het veld op handen gedragen. Voor de beste spelers van een bepaalde periode wordt door de pers en de supporters vaak een bijnaam bedacht. Diego Maradona werd bijvoorbeeld El Diez of Pluisje genoemd en Zinédine Zidane kreeg Zizou als bijnaam. Succesvolle voetballers hebben vandaag de dag een echte sterrenstatus en verdienen soms astronomische bedragen. Ze worden als echte voetbalgoden verafgood door de supporters en worden daarom wel eens de “heiligen van vandaag” genoemd.

Hoe intens voetballiefhebbers meeleven met de spelers, bleek bijvoorbeeld sterk toen François Sterchele, die bij Club Brugge speelde, in 2008 verongelukte. Het overlijden van de jonge speler was voor veel mensen een klap. Veel (Club)supporters wilden op een serene en eerbiedwaardige manier afscheid nemen van de voetballer en droegen een rouwbandje om de arm of legden bloemen neer bij het stadion. Als eerbetoon werd in het stadion ook een minuut stilte te gehouden voor de wedstrijd.

Gouden Schoen

Sinds 1954 wordt de Gouden Schoen voor beste speler in de Belgische competitie uitgereikt. De Gouden Schoen wordt georganiseerd door de Koninklijke Belgische Voetbalbond. De winnaar wordt op basis van een puntensysteem gekozen door sportjournalisten, vertegenwoordigers van de Belgische Voetbalbond en scheidsrechters. Voor een voetballer is het een hele eer om de trofee te winnen. De uitreiking ervan gaat jaarlijks gepaard met een groots media event: het Gala van de Gouden Schoen.

Hooliganisme

Liefde voor de eigen voetbalploeg slaat bij een kleine minderheid soms om in haat ten aanzien van de supporters van de tegenstander en de ordehandhavers. Dat kan resulteren in verbaal geweld. In het verleden kwam het bij broeierige wedstrijden wel eens voor dat de rivaliteit tussen de supportersclans met de vuisten werden beslecht en ging dat soms ook gepaard met geweld tegen de politie. Supporters die geweld niet schuwen, worden hooligans genoemd. Hooliganisme is een internationaal fenomeen, waar vooral grote voetballanden als Engeland en Duitsland geregeld mee te maken krijgen. In deze landen groeide het hooliganisme zelfs uit tot een echte subcultuur, die (voetbal)geweld (en het extreemrechtse gedachtegoed) verheerlijkt. Er werden dan ook al grote inspanningen geleverd om deze kwalijke traditie te onderdrukken, zoals bijvoorbeeld het opleggen van een stadiumverbod aan geweldplegers en het inzetten van stewards. Dergelijke maatregelen hebben intussen duidelijk hun vruchten afgeworpen en hooliganisme komt vandaag de dag minder en minder voor.

Voetbal een middel tot integratie

In veel professionele voetbalteams zijn er spelers van over de hele wereld aan de slag. Hun talen, religies, gebruiken en gewoonten worden er door iedereen gerespecteerd. Deze internationaal samengestelde teams vervullen eigenlijk een voorbeeldfunctie op en naast het veld. Er wordt steeds vaker ingezien dat voetbal een bruggenbouwer kan zijn tussen verschillende nationaliteiten en culturen. Er zijn dan ook steeds meer initiatieven in binnen- en buitenland waarbij voetbal als een middel tot integratie en gemeenschapsvorming wordt gebruikt. In Brussel werd bijvoorbeeld een Nederlandstalig voetbalwoordenboekje voor anderstaligen uitgebracht. Veel ploegen hechten zelf ook erg veel belang aan solidariteit en ondersteunen (inter)nationale liefdadigheidsprojecten. In België zijn er traditioneel veel spelers met Afrikaanse roots. Jaarlijks wordt hier dan ook de Ebbenhouten Schoen voor de meest verdienstelijke Afrikaanse speler in de Belgische competitie uitgereikt.

Mannenbastion

Hoewel veel mensen ervan uitgaan dat de voetbalwereld een mannenbastion is, zijn er ook altijd vrouwen in het voetbal actief geweest. Hun rol bleef daarbij zeker niet beperkt tot steun voor man- of zoon: ook achter de schermen dragen zij al heel lang hun steentje bij door bijvoorbeeld de wekelijkse was van de voetbaltruitjes op zich te nemen of enkele uren per week als vrijwilliger in de voetbalkantine mee te draaien. Vandaag de dag zijn steeds meer vrouwen op de tribunes van de voetbalstadions te vinden. Veel voetbalclubs doen tegenwoordig extra moeite om vrouwen en gezinnen aan te spreken en investeren daarom bijvoorbeeld veel in een veilig staion.

Ook als speler worden meisjes en vrouwen intussen ernstig genomen. Dat is lange tijd anders geweest. De eerste damesvoetbalploeg, de Brussels Femina Club, werd al in 1921 opgericht. Het aanvankelijke succes van damesvoetbal werd echter meteen weer in de kiem gesmoord, onder meer door het verbod op damesvoetbalploegen van de toenmalige Koninklijke Belgische Voetbalbond. De dames zijn echter blijven strijden om te mogen voetballen en sinds de jaren 1970 hebben zij een eigen competitie binnen het Belgische voetbal. Vandaag de dag bestaan er enkele tientallen vrouwenploegen en lijken de vastgeroeste vooroordelen langzaam te verdwijnen. In veel landen is voetbal intussen zelfs uitgegroeid tot de populairste ploegsport voor vrouwen. In Amerika bijvoorbeeld is het vrouwenvoetbal zelfs populairder dan het voetbal voor mannen.

Liefhebbersvoetbal en caféploegen

Niet alle voetballers spelen in de landelijke of de provinciale competities. Voor heel wat ploegen primeert het recreatieve karakter van het spel. En hoewel deze ploegen natuurlijk ook allemaal willen winnen, staat fair play altijd voorop. Een groot aantal van deze liefhebbersploegen zijn ontstaan in de schoot van een café en worden dan ook caféploegen genoemd. De wedstrijden tussen verschillende caféploegen verlopen in een vriendschappelijke sfeer. Voor prijzengeld wordt er niet gespeeld, voor de leute na de match des te meer.

Voetbalbonden

De belangrijkste voetbalbond in ons land is de Koninklijke Belgische Voetbalbond, die werd opgericht in 1895. Deze bond organiseert de nationale en professionele competitie in België. De Rode Duivels zitten eveneens onder de vleugels van deze bond. Verder bestaan er in België nog enkele kleinere bonden. Eén daarvan is de Koninklijke Vlaamse Voetbalbond, die een eigen competitie inricht en zich concentreert op het recreatieve voetbal.

LITERATUUR

Demeynck, L., ‘Voetbaltermen in de Vlaamse dialecten’, Oost-Vlaame Zanten 74 (1999), nr. 1, p. 59-64.

Deps, B., en H. Guldemont, 100 jaar voetbal in België 1895 -1995: Koninklijke Belgische Voetbalbond, Roularta, Roeselare, 1995.

Fraiponts, J., en D. Willocx, Kroniek van het Belgisch voetbal, Uitgeverij ASSOC.BE, Antwerpen, 2003.

Grotenhuis, H.J., en T. Duyff, Het grote juichen. De geschiedenis van het triomfvertoon in het voetbal, Het Sporthuis, Antwerpen, 2007.

Mariën, R., 100 jaar voetbal en clubleven, De Nederlandsche Boekhandel, Antwerpen, 1973.

Willems, R., De eeuw van het Belgisch voetbal : van Raymond Braine tot Moussa Dembélé, Standaard, Antwerpen, 2008.